Spring naar inhoud

Reuzenberenklauw

Deze plant komt vooral voor langs waterlopen, wegen en spoorwegen. De plant kan wel 3 tot 5 meter hoog worden. De exoot verdringt inheemse plantensoorten en bevat stoffen die bij beschadiging van het blad ernstige brandwonden kunnen veroorzaken. Zodra de plant wordt gesignaleerd moet met de bestrijding worden begonnen. De stengels van de reuzenberenklauw zijn hol en 5 tot 10 cm in doorsnede. Bladeren kunnen wel een meter lang worden. De groei begint al eind maart/begin april. In de eerste jaren is er alleen sprake van vegetatieve groei. Daarna vormt de plant 1 bloemstengel en bloeit eenmalig van eind juni tot augustus. De bloemen zijn wit, gegroepeerd in grote bloemschermen, met een diameter van circa 50 cm. De bloemen trekken veel insecten aan. Een bloemscherm kan meer dan 20.000 zaden bevatten. Die blijven in de bodem lange tijd kiemkrachtig. Uitgebloeide planten zijn net zo gevaarlijk als de bloeiende. Dat heeft alles te maken met de nare gevolgen van deze invasieve exoot. De reuzenberenklauw vormt een grote bedreiging voor mens, dier én natuur met gevaren die veel verder reiken dan alleen pijnlijke blaren.

Nneem elke aanraking met de plant serieus. Je zult in het begin misschien een kleine irritatie op de huid ervaren, maar daarna kunnen er rode en jeukende vlekken ontstaan die zich tot blaren en brandwonden kunnen ontwikkelen. Belangrijk is dat je hierbij de volgende stappen neemt:

  • Spoel je arm zo snel mogelijk af zodat al het sap verwijderd wordt. Heb je geen water bij de hand, bedek de huid dan meteen.
  • Vermijd zonlicht en bedek de huid die in aanraking is gekomen met de plant.
  • Trek kleren waar het sap op is gekomen meteen uit.
  • Raak de plekken niet aan.
  • Bezoek of bel de huisarts.
  • Vermijd minstens één week complete blootstelling aan zonlicht.

Reuzenberenklauw is een invasieve exoot die is opgenomen op de Europese Unielijst van zorgwekkende invasieve uitheemse soorten. Dit betekent dat er een verbod geldt op het bezit, de handel, kweek, import én het transport van deze soort. Dat verbod geldt niet alleen voor levende planten, maar ook voor alle onderdelen die kunnen overleven of zich kunnen vermeerderen – zoals zaden of worteldelen.

Verspreiding

Verspreiding vindt plaats via wind, water en – niet onbelangrijk – menselijke activiteiten zoals maaien, grondverzet en transport. Juist deze laatste vorm van verspreiding staat in toenemende mate ter discussie. Grond waarin zaden van Reuzenberenklauw aanwezig zijn, kan bij transport leiden tot verspreiding en hergroei op een nieuwe locatie. Dat roept de vraag op: is grondtransport in zulke gevallen nog toegestaan? Volgens Artikel 7 van de Europese verordening is het in de handel brengen van een invasieve soort verboden als er sprake is van opzet. Met andere woorden: alleen als iemand bewust grond met zaden van Reuzenberenklauw verhandelt, is sprake van een overtreding. De bewijslast daarvoor ligt bij de NVWA. Een voorbeeld van opzet kan zijn: het afgraven van grond op een locatie waar zichtbaar bloeiende planten aanwezig zijn. Om handhavend te kunnen optreden, moet dat echter herleidbaar en aantoonbaar zijn – wat in de praktijk lastig is. De NVWA benadrukt dat handhaving lastig is en richt zich daarom vooral op voorlichting en bewustwording in de sector. Net zoals bij Aziatische duizendknopen groeit ook hier de aandacht voor preventieve maatregelen.