Spring naar inhoud

Met z'n boevenmasker, zwarte kraalogen en wat ondeugende blik heeft de wasbeer een enorm hoog knuffelgehalte. Deze van oorsprong Noord-Amerikaanse soort heeft het naar z'n zin in ons land. Iets té zelfs. Volgens Pim Lemmers van ecologisch adviesbureau Natuurbalans is het nog niet te laat om van deze schadelijke exoot af te komen: "maar grijp dan wel snel en effectief in."

De laatste jaren nemen de meldingen van wasberen toe. In Nederland komen ze vooral in het zuiden van Limburg voor. Lemmers: "We hebben hier twee wilde populaties; één afkomstig van ontsnapte dieren uit een Duitse dierentuin en één die vanuit Wallonië ons land heeft bereikt." Ook elders in het land duiken wel eens wasberen op. "Het zijn geen typische zwervers die enorme afstanden afleggen. Mogelijk zijn deze wasberen ontsnapt als huisdier."

Schadelijke exoot

Je mag wasberen niet houden. De soort staat namelijk op de Unielijst van Invasieve Exoten. Dat betekent dat 'ie Europees als een schadelijke exoot wordt beschouwd en dat hij bestreden moet worden. Ze kunnen namelijk knap lastig zijn. "Het zijn enorm inventieve dieren die gerust via het kattenluikje naar binnen komen om te zien of je iets lekkers op het aanrecht of in je koelkast hebt staan."

Ook kunnen ze in de vrije natuur behoorlijk huishouden. "In de miljoenen jaren van evolutie heeft hier in Europa nooit een dier als de wasbeer rondgelopen. Onze soorten zijn daarom niet goed op hem berekend." Uit het buitenland is bekend dat ze schadelijk kunnen zijn voor kwetsbare soorten zoals geelbuikvuurpad of zwarte ooievaar.

Dat betekent overigens niet dat Lemmers de wasbeer als zondebok ziet. "Uiteindelijk is de wasbeer door toedoen van de mens hier terecht gekomen en zijn veel inheemse soorten uiteindelijk door menselijk handelen bedreigd. De realiteit is helaas wel dat de wasbeer echt schadelijk kan zijn en een aanzienlijke extra drukfactor kan vormen voor de kwetsbare soorten die het al moeilijk hebben. Maar natuurbescherming betekent dat keuzes in het belang van de biodiversiteit dienen te worden gemaakt."

Spoedig en effectief ingrijpen nodig

Volgens Lemmers is de wasberenpopulatie in Nederland nog niet te groot om van ze af te komen. “Ook helpt het dat ze relatief plaatstrouw zijn. Daardoor zijn ze beter op te sporen.” In een onderzoek adviseert Lemmers om verschillende middelen in te zetten om wasberen terug te dringen. In een aantal provincies worden wasberen al geschoten en gevangen in kooien. Een advies is om gebruik te maken van ‘slimme’ vallen met beeldherkenning. Deze gaan alleen af wanneer er daadwerkelijk een wasbeer in zit, zodat deze het vangen effectiever maken. Ook adviseert Lemmers spoedig in te grijpen. “Hoe langer je wacht, hoe groter de populatie wordt, des te meer dieren uit de natuur dienen te worden verwijderd. Ook vanuit het dierenwelzijnsoogpunt wil je dus niet te lang wachten.”

Denny Kooijker is muskusrattenbestrijder.

Denny Kooijker is muskusrattenbestrijder.© RTV Oost / Sophie Bestman

Je komt ze overdag bijna niet tegen, maar ze veroorzaken flink wat overlast: muskusratten. Dit forse knaagdier leeft in het water en graaft voortdurend gaten in oevers en dijken. Om te voorkomen dat ze te veel schade aanrichten, worden ze al jaren actief weggevangen door bestrijders. Mét succes, want de aantallen lopen terug. Denny Kooijker uit Lemelerveld is zo'n muskusratten-bestrijder. Dat werk doet hij bij Waterschap Drents Overijsselse Delta. "Ik vind het heel belangrijk dat ik met mijn werk Nederland een stuk veiliger kan maken", vertelt hij.

Speuren

Het bestrijden van de muskusrat begint bij het opsporen van de nesten, zo legt Kooijker uit. "Ik speur de oevers af op zoek naar kleine keuteltjes of afgeknaagd riet. Als ik dat heb gevonden ga ik het water in en zoek ik met mijn handen en voeten de oever af, op zoek naar een nestgang." Als zo'n nest gevonden is, plaatst Kooijker er een klem bij. Dan komt hij later terug om te kijken of hij een muskusrat gevangen heeft.

Problemen

Muskusratten zijn familie van de woelmuizen, en dus niet van de ratten. Ze kwamen in de jaren '40 van de vorige eeuw via Duitsland het land binnen en leven langs de oevers van stilstaand en stromend water, zoals rivieren en beekjes. Ze hebben bijna geen natuurlijke vijanden en planten zich snel voort. De muskusrat brengt veel schade toe aan oevers en waterwerken. Daarnaast zorgt het gegraaf voor verzakkingen van (spoor)wegen en schade aan landbouwen natuurgebieden. Het waterschap heeft de plicht om de muskusrat te bestrijden. Als er niet wordt bestreden, gaat het geheid mis, aldus Kooijker. "Nederland ligt onder zeeniveau. Zo'n muskusrat kan wel zo'n big bag aan zand weggraven in een dijk. Voor je het weet heb je een dijkdoorbraak."

Terugdringen

Het doel van de bestrijders is om de muskusrat terug te dringen tot de grens met Duitsland. Het idee is om dat voor 2034 bereikt te hebben. "Dat gaat de goede kant op", vertelt Kooijker. "Ze zijn er nog wel, maar steeds minder."