Spring naar inhoud

Nog geen zeven jaar geleden werd vastgesteld dat er in Nederland een kolonie was van een termietensoort. In 2024 werden twee andere termietensoorten gevonden en het aantal soorten met een of meerdere kolonies is inmiddels opgelopen tot zes. Hoe zien ze eruit en hoe komen ze in Nederland?

Termieten worden vaak witte mieren genoemd. Dat is niet terecht, omdat het geen mieren zijn. Bovendien zijn termieten ook niet altijd wit, soms zijn ze kleurloos of variëren in kleuren van beige tot zwart. Het zijn kleine insecten, van 4 tot 15 millimeter lang. Ze hebben geen pantser en zijn daardoor gevoelig voor uitdroging. Termieten leven dan ook bijna volledig ondergronds of in hout en vallen daardoor meestal niet op, zelfs niet als er een grote kolonie aanwezig is. Ze kunnen zo ongezien meeliften met bijvoorbeeld potplanten en (verpakkings)hout uit het buitenland.

Op basis van de locatie van de nesten worden binnen de termietensoorten die hout aantasten drie groepen onderscheiden: grondtermieten, drooghouttermieten en nathouttermieten. Omdat ze een verborgen levenswijze hebben, worden termieten meestal pas ontdekt als er een bruidsvlucht plaatsvindt. Een bruidsvlucht is het massaal uitvliegen van koninginnen en mannetjes om in de lucht te paren. Een andere aanwijzing voor de aanwezigheid van termieten in of rond het huis zijn ‘moddertunnels’. Dit zijn door termieten gemaakte tunnels van grond en uitwerpselen van het nest naar water of een voedselbron – hout. 

Moddertunnel op muur in NederlandModdertunnel op muur in Nederland (Bron: David Mora)Moddertunnels op hout in kruipruimte in Nederland
Moddertunnels op hout in kruipruimte in Nederland (Bron: David Mora)

Soorten termieten in Nederland en hun effecten

De termietensoorten die de meeste schade veroorzaken, leven van hout. Termieten kunnen houten delen van een gebouw aantasten, maar ook hout buiten gebouwen. Sommige soorten kunnen schadelijk zijn voor de biodiversiteit.

De Amerikaanse grondtermiet (Reticulitermes flavipes) knaagt gangen in hout, waarbij de buitenste laag intact wordt gehouden. Hierdoor kan een houten balk grotendeels weggegeten worden, zonder dat dat aan de buitenkant zichtbaar is. In Zuid-Holland is deze termietensoort aangetroffen in twee naast elkaar gelegen woningen en het gebied eromheen. De kolonie heeft een omvang van circa 15.000 vierkante meter en de aangerichte schade is groot. Er is in de gebouwen aantasting vanaf de fundering tot en met tenminste de eerste verdieping. Het jaarrond voorkomen van termietenactiviteit buiten de gebouwen in Zuid-Holland geeft ook aan dat deze soort potentieel invasief kan worden in de Nederlandse natuur.

De Atlantische grondtermiet (Reticulitermes grassei) knaagt ook gangen in hout en laat de buitenste laag intact. Deze termiet leeft in relatief kleine kolonies. Elk van de zes tot nu toe in Nederland gevonden kolonies beperkt zich tot één pand. Ze zijn onder andere gevonden in plantenbakken, een meterkast, een dakterras en de wanden van een uitbouw. Het is mogelijk dat de soort zich op termijn ook in het Nederlandse buitengebied kan vestigen. In het oorspronkelijke areaal, Zuidwest-Frankrijk, Spanje en Portugal, worden ook bomen aangetast. Dat is in Nederland nog niet het geval.

De Westmediterrane grondtermiet (Reticulitermes banyulensis) is voor het eerst in 2025 in Nederland waargenomen, in een woning. Deze soort heeft dezelfde kolonieomvang en hetzelfde schadebeeld als de Atlantische grondtermiet.

Een belangrijk deel van de kolonie van de Chinese grondtermiet (Reticulitermes labralis) bevindt zich in een grondnest. Van daaruit gaan de termieten door de grond of door zelf aangelegde moddertunnels naar hout waarin ze gangen knagen. Ook hier wordt de buitenste laag van het hout intact gehouden. In hun oorspronkelijke leefgebied in China eten de termieten zowel houten delen van woningen als dood hout in de natuur. In Nederland is deze soort waargenomen in dood hout van een levende boom.

Werkster geelnekdrooghouttermiet (Kalotermes flavicollis)
Werkster geelnekdrooghouttermiet (Kalotermes flavicollis) (Bron: Rick Buesink)

De geelnekdrooghouttermiet (Kalotermes flavicollis) leeft in levend, kwijnend of dood droog hout, waardoor de termiet schade kan veroorzaken aan bomen en andere houtige gewassen. Ook kan deze soort droge, houten objecten – zowel binnen- als buitenshuis – aantasten, waarbij de buitenste laag intact wordt gehouden.

De Pacifische nathouttermiet (Zootermopsis angusticollis) is afhankelijk van vochtig tot rottend hout en is in Nederland tot nu toe alleen in acht dode boomstammen aangetroffen, elk met een kolonie. Het is vrijwel zeker dat er in elk geval één bruidsvlucht is geweest. Dit is tot nu toe de enige termietensoort waarbij is aangetoond dat er in Nederland een nieuwe kolonie is gesticht vanuit een bestaande kolonie. Bij een vestiging van een termietensoort die aanzienlijke hoeveelheden dood hout ‘verwerkt’, zijn de effecten op andere soorten die gebonden zijn aan dood hout waarschijnlijk. Het is bekend dat Pacifische nathouttermieten ook nat constructiehout van gebouwen kunnen aantasten.

In de Risicoscan termieten in Nederland staat meer informatie over de termietensoorten met vestiging in Nederland én de soorten die meegelift zijn met goederen, maar zich nog niet hebben gevestigd. Dit rapport is geschreven door EIS Kenniscentrum Insecten en Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD), in opdracht van bureau Risicobeoordeling & onderzoek van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

Aantasting en moddertunnels achter stuckwerk in een woning in Nederland
Aantasting en moddertunnels achter stuckwerk in een woning in Nederland (Bron: Aron Kuiper)

Hoe komen termieten in Nederland terecht?

De handel in planten, en met name olijfbomen uit Zuid-Europa, is de belangrijkste introductieroute van termieten naar ons land. Bijvoorbeeld de geelnekdrooghouttermiet is meerdere keren aangetroffen in geïmporteerde olijfbomen uit Zuid-Europa. De grote olijfbomen, die in vrijwel elk tuincentrum verkocht worden, hebben vaak knoestige, dode stukken stam en zijn uit de grond opgegraven. In de kluit kunnen enkele exemplaren of een kolonie grondtermieten aanwezig zijn. In Zuid-Europa komen diverse soorten grondtermieten van nature voor. Ze kunnen dus ongezien in de boom of in de kluit aanwezig zijn en zo naar Nederland komen.

Een ander introductieroute is het meeliften met containervracht en hout. Vermoedelijk is de handel in termieten als huisdier zeer gering, maar ze kunnen eenvoudig in reageerbuisjes via de post verzonden worden.

Preventie en advies

Let bij de aankoop van potten met mediterrane planten goed op of er geen dieren meegelift zijn. Houd de planten de eerste tijd goed in de gaten. Wees alert op moddertunnels en bruidsvluchten. Preventie van vestiging is belangrijk, omdat er nog weinig kennis is over en ervaring met bestrijding. Er zijn geen bestrijdingsmiddelen voor gebruik tegen termieten structureel toegestaan.

Olijfboom in Nederland waarin termieten zijn aangetroffen
Olijfboom in Nederland waarin termieten zijn aangetroffen (Bron: Rick Buesink)

Wie vermoedt termieten in huis of tuin te hebben, wordt geadviseerd om contact op te nemen met het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD). Op de website van het KAD staan aanwijzingen voor het herkennen van de aanwezigheid van termieten in of rond het huis. Het KAD biedt gratis determinatie aan bij het vermoeden van termieten.

Er is geen wet- of regelgeving die beperkende voorwaarden oplegt aan het importeren of invoeren van levende termieten in Nederland, aan het vervoeren van termieten per post of aan het houden van termieten als huisdier. Daarom adviseert bureau Risicobeoordeling & onderzoek (BuRO) van de NVWA aan de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) om maatregelen te nemen tegen bewuste en onbewuste introducties van schadelijke termieten in Nederland.

Tekst: Jinze Noordijk, EIS Kenniscentrum Insecten, Aron Kuiper, Kennis- en Adviescentrum Dierplagen en Jenneke Leferink, NVWA
Beeld: Roy Kleukers, EIS Kenniscentrum Insecten (leadfoto: werkster Zootermopsis angusticollis); David Mora, Anticimex; Rick Buesink, EIS Kenniscentrum Insecten; Aron Kuiper, Kennis- en Adviescentrum Dierplagen

De provincie Overijssel is deze zomer en dit najaar aan het werk in en rond Nationaal Park Weerribben-Wieden. Hier bestrijden we de overlast van invasieve waterplanten als waterwaaier en ongelijkbladig vederkruid om de natuur te beschermen en het gebied bevaarbaar te houden.

In de Kop van Overijssel liggen twee bijzondere natuurgebieden: Weerribben en De Wieden. Samen vormen ze het grootste aaneengesloten laagveengebied in Noordwest-Europa van ruim 12.000 hectare. In de gebieden leven veel zeldzame dieren en planten die beschermd zijn door de EU-Habitatrichtlijn. Deze kwetsbare natuur wordt bedreigd door invasieve uitheemse waterplanten (IAAS), zoals de waterwaaier en het ongelijkbladig vederkruid.

In het Project LIFE-IAAS werkt de provincie Overijssel samen met Waterschap Drents Overijsselse Delta, de gemeente Steenwijkerland, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer aan het verwijderen van invasieve exotische waterplanten, en daarmee aan het herstellen van de inheemse natuur.

Invasieve exoten

De invasieve waterplanten waterwaaier en ongelijkbladig vederkruid verspreiden zich in rap tempo door de Weerribben-Wieden. Het water groeit snel dicht en de oorspronkelijke planten en dieren hebben het moeilijk of verdwijnen. Uiteindelijk blijven alleen de invasieve exotische soorten over. Kwetsbare planten- en diersoorten in het Natura 2000-gebied staan hierdoor onder druk.

Niet alleen de natuur heeft last van deze invasieve exoten. We zien dat steeds grotere oppervlaktes water volledig dichtgroeien. In deze wateren kan vervolgens niet meer gevaren, gevist of gezwommen worden. Dat geeft economische schade aan het gebied. Het dichtgroeien van het water leidt tot schade aan scheepsmotoren, doordat de planten in de schroef vast komen te zitten. Veel vissoorten verdwijnen als er te weinig zwemruimte overblijft. Ook voor mensen wordt zwemmen onaangenaam. Bovendien kan een toename van waterwaaier leiden tot een toename van zoetwaterslakken. Deze slakken dragen larven bij zich. Wanneer deze in contact komen met de huid van een zwemmer kan dit irritatie veroorzaken, ook wel bekend als zwemmersjeuk. Daarnaast kan de verstopping van waterwegen problemen veroorzaken bij de aan- en afvoer van water, vooral tijdens zware regenbuien.

Geplande maatregelen

We beheersen de invasieve waterplanten in de gebieden door:

  • De invasieve soorten machinaal en handmatig uit het gebied te verwijderen. Zo wordt de populatie exotische waterplanten bestreden en zorgen we dat de beschermde inheemse waterplanten niet verder in aantal afnemen. Het doel is dat de bedekking van IAAS wordt teruggebracht tot maximaal 2 procent. Daarna zal regulier onderhoud met enkel handmatige verwijdering op kleine resterende groeiplaatsen mogelijk zijn.
  • Het machinaal verwijderen van de invasieve exotische waterplanten is ingrijpend. Daarom voeren we pilots uit in veenputten, om te onderzoeken of we de invasieve exotische waterplanten ook op een andere manier kunnen beheersen en daarbij de inheemse natuur optimaal kunnen beschermen.
  • We zorgen dat bewoners en de toeristische sector zich bewust worden van het probleem en gaan bijdragen aan de oplossing hiervan. We zorgen dat bewoners en toeristen weten wat ze kunnen doen om verspreiding van de exotische soorten te voorkomen.

Werkzaamheden

Op een interactieve kaart kunt u zien welke waterwegen tijdelijk gesloten zijn. Deze locaties staan aangegeven met rode lijnen en data. Zo ziet u waar en wanneer een waterweg is afgesloten. Klik voor aanvullende informatie op de rode lijn. Deze kaart wordt dagelijks vernieuwd.

Let op: de planning kan afwijken door weersomstandigheden of andere onvoorziene omstandigheden. Controleer daarom altijd voor vertrek de laatste informatie.