Spring naar inhoud

De provincie Overijssel is deze zomer en dit najaar aan het werk in en rond Nationaal Park Weerribben-Wieden. Hier bestrijden we de overlast van invasieve waterplanten als waterwaaier en ongelijkbladig vederkruid om de natuur te beschermen en het gebied bevaarbaar te houden.

In de Kop van Overijssel liggen twee bijzondere natuurgebieden: Weerribben en De Wieden. Samen vormen ze het grootste aaneengesloten laagveengebied in Noordwest-Europa van ruim 12.000 hectare. In de gebieden leven veel zeldzame dieren en planten die beschermd zijn door de EU-Habitatrichtlijn. Deze kwetsbare natuur wordt bedreigd door invasieve uitheemse waterplanten (IAAS), zoals de waterwaaier en het ongelijkbladig vederkruid.

In het Project LIFE-IAAS werkt de provincie Overijssel samen met Waterschap Drents Overijsselse Delta, de gemeente Steenwijkerland, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer aan het verwijderen van invasieve exotische waterplanten, en daarmee aan het herstellen van de inheemse natuur.

Invasieve exoten

De invasieve waterplanten waterwaaier en ongelijkbladig vederkruid verspreiden zich in rap tempo door de Weerribben-Wieden. Het water groeit snel dicht en de oorspronkelijke planten en dieren hebben het moeilijk of verdwijnen. Uiteindelijk blijven alleen de invasieve exotische soorten over. Kwetsbare planten- en diersoorten in het Natura 2000-gebied staan hierdoor onder druk.

Niet alleen de natuur heeft last van deze invasieve exoten. We zien dat steeds grotere oppervlaktes water volledig dichtgroeien. In deze wateren kan vervolgens niet meer gevaren, gevist of gezwommen worden. Dat geeft economische schade aan het gebied. Het dichtgroeien van het water leidt tot schade aan scheepsmotoren, doordat de planten in de schroef vast komen te zitten. Veel vissoorten verdwijnen als er te weinig zwemruimte overblijft. Ook voor mensen wordt zwemmen onaangenaam. Bovendien kan een toename van waterwaaier leiden tot een toename van zoetwaterslakken. Deze slakken dragen larven bij zich. Wanneer deze in contact komen met de huid van een zwemmer kan dit irritatie veroorzaken, ook wel bekend als zwemmersjeuk. Daarnaast kan de verstopping van waterwegen problemen veroorzaken bij de aan- en afvoer van water, vooral tijdens zware regenbuien.

Geplande maatregelen

We beheersen de invasieve waterplanten in de gebieden door:

  • De invasieve soorten machinaal en handmatig uit het gebied te verwijderen. Zo wordt de populatie exotische waterplanten bestreden en zorgen we dat de beschermde inheemse waterplanten niet verder in aantal afnemen. Het doel is dat de bedekking van IAAS wordt teruggebracht tot maximaal 2 procent. Daarna zal regulier onderhoud met enkel handmatige verwijdering op kleine resterende groeiplaatsen mogelijk zijn.
  • Het machinaal verwijderen van de invasieve exotische waterplanten is ingrijpend. Daarom voeren we pilots uit in veenputten, om te onderzoeken of we de invasieve exotische waterplanten ook op een andere manier kunnen beheersen en daarbij de inheemse natuur optimaal kunnen beschermen.
  • We zorgen dat bewoners en de toeristische sector zich bewust worden van het probleem en gaan bijdragen aan de oplossing hiervan. We zorgen dat bewoners en toeristen weten wat ze kunnen doen om verspreiding van de exotische soorten te voorkomen.

Werkzaamheden

Op een interactieve kaart kunt u zien welke waterwegen tijdelijk gesloten zijn. Deze locaties staan aangegeven met rode lijnen en data. Zo ziet u waar en wanneer een waterweg is afgesloten. Klik voor aanvullende informatie op de rode lijn. Deze kaart wordt dagelijks vernieuwd.

Let op: de planning kan afwijken door weersomstandigheden of andere onvoorziene omstandigheden. Controleer daarom altijd voor vertrek de laatste informatie.

Het zwarte oogmasker is kenmerkend voor een wasbeer

Het zwarte oogmasker is kenmerkend voor een wasbeer© Alexa via Pixabay

De provincie wil planten en dieren die een bedreiging vormen voor de natuur in Drenthe aanpakken. Onder meer de reuzenberenklauw en de wasbeer moeten zo snel mogelijk worden verwijderd of gedood. Deze planten en dieren behoren tot de zogeheten 'invasieve soorten'. Dat wil zeggen dat ze hier van nature niet thuishoren. De invasieve soorten kunnen andere natuur, die oorspronkelijk wel bij Drenthe hoort, verdringen. Drenthe ziet 'eliminatie' daarom als de oplossing. De soort moet dan volledig uit de natuur worden verwijderd, oftewel een nulstand, zodat er geen risico meer is op verspreiding of vermeerdering.

Meeliften op vrachtwagen

Invasieve soorten belanden in Drenthe door menselijk handelen. Bijvoorbeeld omdat ze meeliften op een vrachtwagen, of door handel in vijver- en aquariumplanten. Volgens de provincie kunnen deze soorten schade toebrengen aan infrastructuur en landbouw. Ook de verspreiding van virussen vormt een risico. Drenthe heeft nu een vijfjarenplan opgesteld om de exoten aan te pakken. Daarin staat per soort wat de provincie eraan wil doen. De focus wordt gelegd op de planten en dieren die de grootste bedreiging vormen voor de natuur in Drenthe.

Wasbeer

De pijlen zijn onder meer gericht op de wasbeer. Dit dier heeft mogelijk lokaal een effect op bedreigde soorten. Ook kan de wasbeer de wasbeerspoelworm bij zich dragen. Dit komt niet vaak bij mensen voor, maar kan wel tot ernstige klachten leiden.

De belangrijkste soorten waar de provincie haar pijlen op richt:

Fauna: wasbeerhond, wasbeer en geelpoothoornaar (tot voor kort bekend als Aziatische hoornaar).

De provincie verwacht voor de geelpoothoornaar dat brede bestrijding, waarop op dit moment nog wordt op ingezet, op termijn niet meer haalbaar is. De kosten wegen niet meer op tegen de baten, aldus de provincie.

Waterplanten: grote waternavel, waterwaaier, waterteunisbloem, watercrassula, moeraslantaarn, ongelijkbladig vederkruid en parelvederkruid.

Landplanten: reuzenberenklauw, (Aziatische) duizendknopen en zijdeplant.

Onderdeel van het vijfjarenplan is het vergroten van het bewustzijn over invasieve soorten. Volgens Drenthe is dat van 'groot belang' om tot een effectieve aanpak te komen, omdat 'voorkomen beter is dan genezen'.

In samenwerking met de provincie Groningen wordt daarom gewerkt aan een app om exoten te registreren. Burgers kunnen daarin een melding doen. Met die informatie kunnen de provincies hun aanpak vervolgens verbeteren.

Wat kost het?

De provincie verwacht dit jaar 2 ton uit te geven aan de bestrijding van de vreemde planten en dieren. Vanaf 2027 tot en met 2030 gaat het om 2,5 ton per jaar. In totaal zijn de uitgaven dus 1,2 miljoen euro. Drenthe trekt in het plan op met gemeenten, waterschappen, terreinbeheerders en grondeigenaren. in 2028 volgt een evaluatie.