Spring naar inhoud

De natuur in onze gemeente is prachtig en waardevol. Maar onze inheemse planten en dieren krijgen steeds vaker concurrentie van echte woekeraars, de zogeheten invasieve exoten. 

De gemeente bestrijdt invasieve exoten zoals de Japanse duizendknoop en de reuzenberenklauw in de openbare ruimte. Om dit goed te kunnen doen, is het belangrijk dat we weten waar deze planten groeien. Ziet u een invasieve exoot tijdens het wandelen of tijdens het fietsen? Meld dit dan via het Meldpunt Buitenruimte. Groeit er een invasieve exoot in uw eigen tuin? Dan bent u zelf verantwoordelijk voor het verwijderen ervan. Door ze weg te halen voorkomt u verspreiding naar andere plekken.

Verschil inheemse soorten en invasieve exoten

Inheemse planten en dieren zijn soorten die van nature in een gebied voorkomen. Ze passen goed bij het lokale klimaat en bij de natuur, omdat ze hier al heel lang leven. Invasieve exoten zijn planten en dieren die hier van nature juist niet thuishoren. Ze zijn door mensen (bijvoorbeeld via vervoer, handel of toerisme) in Nederland terecht gekomen. Sommige van deze soorten groeien en verspreiden zich heel snel. Daardoor verdringen ze inheemse planten en dieren. Dat is slecht voor de natuur. Ze kunnen ook schade geven aan gebouwen, wegen of oevers. De reuzenberenklauw kan zelfs gezondheidsklachten geven, zoals brandwonden.

Meldpunt Buitenruimte

U kunt invasieve exoten in de openbare ruimte melden via de app Meldpunt Buitenruimte. Deze app kunt u downloaden via de appstore of Google Play Store. Of ga naar www.bergendal.nl/meldpuntbuitenruimte en vul het formulier op de website in. Zet locatievoorzieningen aan als u de app gebruikt. Dan geeft de kaart in de app automatisch uw locatie weer. Het helpt als u foto’s met uw melding meestuurt.

Test uw kennis

Het herkennen van invasieve exoten kan lastig zijn. Welke soorten horen hier van nature thuis, en welke soorten verstoren onze natuur? Ga naar de website van IVN Natuureducatie, Invasieve exoten - IVN, doe de natuurquiz en test uw kennis. Hier vindt u ook tips voor het verwijderen van invasieve exoten uit uw tuin. Tips over het verwijderen vindt u ook op www.invasieve-exoten.info.

Al jaren worden Nederlandse rivieren geteisterd door een beestje van nog geen 20 centimeter lang: de Amerikaanse rivierkreeft. De exoot richt veel schade aan aan oevers en dijken en vormt een bedreiging voor inheemse diersoorten. Waterschappen en het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur wijzen al jaren naar elkaar als het gaat om de verantwoordelijkheid voor de bestrijding.

Het Hoogheemraadschap van Delfland, het waterschap in en rond Delft, Den Haag en Rotterdam, is dat beu en is daarom deze week zelf begonnen met de grootschalige vangst van de kreeftjes. De kosten, ruim 7 miljoen euro, wil de organisatie verhalen op de overheid. Maar de verantwoordelijk minister is niet van plan die rekening te betalen.

Tientallen miljoenen beestjes

De Amerikaanse rivierkreeft kwam in de jaren 80 onbedoeld naar Nederland, mogelijk door een ontsnapping uit een aquarium of doordat iemand het beestje vrijliet in de natuur. Vanaf 2005 begon het dier zich pas echt in rap tempo te verspreiden. "Het is maar een klein beestje, maar het zijn er tientallen miljoenen. En dat is precies het probleem", zegt ecoloog Wilco de Bruijne. Inmiddels komt de kreeft voor in bijna alle binnenwateren in Nederland. Vooral in het westen van het land zorgt dit voor problemen:

De Amerikaanse rivierkreeft is een alleseter. Het dier doet zich tegoed aan waterplanten, waterinsecten en eitjes van amfibieën en vissen. "Dit heeft een enorme impact op de waterkwaliteit", zegt De Bruijne. "En als de rivierkreeft een hoge populatie bereikt, zie je dat die als enige nog overblijft."

Tientallen miljoenen

Alleen al in het gebied van Delfland gaat het om tientallen miljoenen kreeften. Maar ondanks de grote problemen die de kreeft veroorzaakt, is er volgens Stijn van Boxmeer van het hoogheemraadschap nauwelijks werk gemaakt van bestrijding. "Op onderzoek en enkele pilots na - die wel werden gefinancierd door het ministerie - gebeurde er niets op grote schaal." Delfland is het eerste waterschap dat nu met een grootschalig project begint. Dit jaar op tien locaties, volgend jaar op 170.

Wilkin de Boer en Remko Anker zijn beroepsvissers, die normaal op paling vissen. Sinds vorige maand vangen ze rivierkreeften voor het Hoogheemraadschap van Delfland. De beestjes belanden uiteindelijk bij restaurants en groothandels:

Wilkin vangt massa's rivierkreeften, maar ze opeten vindt hij 'te veel pielemozen'

De rekening voor het project gaat naar het Rijk, want volgens de Unie van Waterschappen ligt daar de verantwoordelijkheid voor de bestrijding van de kreeft. De Unie beroept zich op een Europese wet die voorschrijft dat lidstaten een eliminatieplicht hebben bij schadelijke uitheemse planten en dieren.

Minister betaalt de rekening niet

Maar volgens landbouwminister Jaimi van Essen is het volledig uitroeien van de kreeft allang een gepasseerd station. "En op het moment dat je het niet meer kunt bestrijden, maar moet overgaan op beheersen, hebben we in Nederland de verantwoordelijkheden verdeeld." Volgens de minister ligt de taak om de opmars van de kreeft een halt toe te roepen ook bij de waterschappen en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. "Ik ben met hen in overleg om dat gezamenlijk te doen, maar wel ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid." Dat zijn ministerie opdraait voor de rekening van het project van het Hoogheemraadschap van Delfland, ziet de minister "vooralsnog" niet gebeuren.

Van Essen zegt ook dat zijn ministerie alleen verantwoordelijk is voor kwetsbare natuurgebieden, en de waterschappen voor de kwaliteit van het water in alle andere gebieden. Maar de waterschappen bestrijden dat. Volgens Boxmeer van het Hoogheemraadschap van Delfland is de tijd van oeverloos overleg voorbij. "Als we met elkaar geen duidelijk beeld krijgen wie waarvoor verantwoordelijk is, blijven we praten, terwijl de rivierkreeft zich blijft voortplanten. Dat kan niet."