Spring naar inhoud

Het zwarte oogmasker is kenmerkend voor een wasbeer

Het zwarte oogmasker is kenmerkend voor een wasbeer© Alexa via Pixabay

De provincie wil planten en dieren die een bedreiging vormen voor de natuur in Drenthe aanpakken. Onder meer de reuzenberenklauw en de wasbeer moeten zo snel mogelijk worden verwijderd of gedood. Deze planten en dieren behoren tot de zogeheten 'invasieve soorten'. Dat wil zeggen dat ze hier van nature niet thuishoren. De invasieve soorten kunnen andere natuur, die oorspronkelijk wel bij Drenthe hoort, verdringen. Drenthe ziet 'eliminatie' daarom als de oplossing. De soort moet dan volledig uit de natuur worden verwijderd, oftewel een nulstand, zodat er geen risico meer is op verspreiding of vermeerdering.

Meeliften op vrachtwagen

Invasieve soorten belanden in Drenthe door menselijk handelen. Bijvoorbeeld omdat ze meeliften op een vrachtwagen, of door handel in vijver- en aquariumplanten. Volgens de provincie kunnen deze soorten schade toebrengen aan infrastructuur en landbouw. Ook de verspreiding van virussen vormt een risico. Drenthe heeft nu een vijfjarenplan opgesteld om de exoten aan te pakken. Daarin staat per soort wat de provincie eraan wil doen. De focus wordt gelegd op de planten en dieren die de grootste bedreiging vormen voor de natuur in Drenthe.

Wasbeer

De pijlen zijn onder meer gericht op de wasbeer. Dit dier heeft mogelijk lokaal een effect op bedreigde soorten. Ook kan de wasbeer de wasbeerspoelworm bij zich dragen. Dit komt niet vaak bij mensen voor, maar kan wel tot ernstige klachten leiden.

De belangrijkste soorten waar de provincie haar pijlen op richt:

Fauna: wasbeerhond, wasbeer en geelpoothoornaar (tot voor kort bekend als Aziatische hoornaar).

De provincie verwacht voor de geelpoothoornaar dat brede bestrijding, waarop op dit moment nog wordt op ingezet, op termijn niet meer haalbaar is. De kosten wegen niet meer op tegen de baten, aldus de provincie.

Waterplanten: grote waternavel, waterwaaier, waterteunisbloem, watercrassula, moeraslantaarn, ongelijkbladig vederkruid en parelvederkruid.

Landplanten: reuzenberenklauw, (Aziatische) duizendknopen en zijdeplant.

Onderdeel van het vijfjarenplan is het vergroten van het bewustzijn over invasieve soorten. Volgens Drenthe is dat van 'groot belang' om tot een effectieve aanpak te komen, omdat 'voorkomen beter is dan genezen'.

In samenwerking met de provincie Groningen wordt daarom gewerkt aan een app om exoten te registreren. Burgers kunnen daarin een melding doen. Met die informatie kunnen de provincies hun aanpak vervolgens verbeteren.

Wat kost het?

De provincie verwacht dit jaar 2 ton uit te geven aan de bestrijding van de vreemde planten en dieren. Vanaf 2027 tot en met 2030 gaat het om 2,5 ton per jaar. In totaal zijn de uitgaven dus 1,2 miljoen euro. Drenthe trekt in het plan op met gemeenten, waterschappen, terreinbeheerders en grondeigenaren. in 2028 volgt een evaluatie.

In het ED (21 mei) in het artikel over de stierkikker werd naar de hoornaar verwezen als ‘een plaag voor imkers’. Je hoeft geen deskundige te zijn om deze insteek gevaarlijk maar ook buitengewoon onvolledig en onnadenkend te noemen. De bij is geen hobby van zondagse dametjes met smokvormige hoeden. En ook zeker niet enkel de leverancier van die heerlijke pot honing op de keukentafel. De bij is een onmisbare schakel in de voedselketen van de mens. Een zeer groot gedeelte van alles wat wij eten, is afhankelijk van bestuiving door bijen. Zonder bij, geen oogst.

De Hoornaar heeft één specialiteit: bijen vangen. Hij posteert zich voor de bijenkast, onderschept terugkerende foragers en doodt ze met chirurgische efficiëntie door de kop en vleugels af te bijten. Eén enkel hoornaarnest kan dagelijks tientallen bijen per uur doden. Eén nest volstaat om een bijenvolk zo ernstig te verzwakken dat het de winter niet overleeft. En de hoornaar verspreidt zich razendsnel. De gevolgen van een verdere decimering van de bijenpopulatie zijn niet hypothetisch. Ze zijn becijferd. De economische waarde van bestuiving door insecten in Europa wordt geschat op tientallen miljarden euro’s per jaar. Een samenleving die haar bestuivers verliest, verliest haar voedselzekerheid. Niet op termijn. Op relatief korte termijn.

De stelling dat de strijd niet meer te winnen is, is pertinent onjuist. Vroege opsporing, gecoördineerde bestrijding en bewustwording bij gemeenten en provincies zijn essentieel. In Vlaanderen bestaat al jaren een meldpunt en bestrijdingsprotocol. Nederland loopt achter. We moeten ophouden met de hoornaar te presenteren als een ongemak voor een niche en hem benoemen voor wat hij is: een ecologische bedreiging met directe gevolgen voor wat er morgen op ons bord ligt.