Spring naar inhoud

GELE BIESLELIE

In heel Nederland, met name in Zeeland, breidt gele bieslelie (Sisyrinchium californicum) zich de laatste jaren snel uit. Gele bieslelie lijkt een charmant plantje, met zijn heldergele bloemetjes. Toch is deze plantensoort inmiddels een zorgwekkende invasieve exoot in Nederland geworden. Gele bieslelie groeit vooral in vochtige biotopen, zoals natte duinvalleien en moerassen. De plant wordt sinds 2005 in Nederland in toenemende mate in het wild waargenomen, vooral in kwetsbare natuurgebieden.

In deze gebieden groeien beschermde en zeldzame inheemse planten, zoals groenknolorchis (Liparis loeselii), parnassia (Parnassia palustris), moeraswespenorchis (Epipactis palustris), stijve ogentroost (Euphrasia stricta) en slanke gentiaan (Gentianella amarella). Er zijn zorgen onder beheerders dat deze soorten in de verdrukking komen door de uitbreiding van de gele bieslelie.

De gele bieslelie is een relatief nieuwe invasieve soort in Nederland, waarvan de ecologie en de effectieve bestrijdingsmogelijkheden nog onvoldoende bekend zijn. Daarom doen Stichting Bargerveen en FLORON, in opdracht van de Provincie Zeeland er onderzoek naar.

Waarnemingen van gele bieslelie in de natuur kunnen worden gemeld via Waarneming.nl of andere invoerportalen en waarnemingen-apps.

Gele bieslelie komt in Nederland op een beperkt aantal locaties in de natuur voor, maar de verwachting is dat deze soort zich snel uitbreidt. Nu zouden maatregelen genomen moeten worden om verdere verspreiding te voorkomen. Het is een wintergroene vaste plant met grasachtige, grijsgroene bladeren en een polvormende groei. De plant komt van nature voor in Noord-Amerika en is in Nederland geïntroduceerd als tuinplant. Waarschijnlijk als gevolg van dumpen van tuinafval is de plant ook in de natuur terecht gekomen. Momenteel komt de plant op een kleine 50 plaatsen voor in Nederland, verspreid over bijna alle provincies. De plant vermeerdert zich via zaden en via het wortelstelsel.