Spring naar inhoud

Groene flitsen in de stad

De halsbandparkiet, de grote alexanderparkiet en de monniksparkiet. Ze zijn haast niet meer weg te denken uit het Nederlands stedelijk gebied. De halsbandparkiet wist zich als eerst in de stad te handhaven en vliegt hier al ruim 60 jaar rond. Daarna volgde de monniksparkiet, daarvan zijn sinds de jaren ’80 Nederlandse broedgevallen bekend. De grote alexanderparkiet volgde als laatste en is sinds zo’n vijfentwintig jaar in Amsterdamse parken te vinden. Alle drie de soorten zijn in het wild terechtgekomen omdat ze ontsnapten of vrijgelaten werden uit gevangenschap en zich in Nederland voort wisten te planten.

grote alexanderparkiet  TV amsterdam

Grote alexanderparkiet in Amsterdam © Vroege Vogels TV

Leefgebied van de alexanderparkiet

In tegenstelling tot de halsbandparkiet beperkt het leefgebied van de grote alexanderparkiet zich tot de hoofdstad, een paar uitzonderingen daargelaten. Een populatie van ongeveer 600 exemplaren kruipt daar elke avond bij elkaar in het Oosterpark, waar ze in een grote groep overnachten. Overdag struinen de vogels ook in andere delen van de stad rond, zoals in het Amsterdamse Bos waar Jourdan een groepje tegenkwam. De monniksparkiet komt overigens helemaal niet voor in Amsterdam, maar broedt enkel in Apeldoorn en Ouddorp.

Overwinteren buiten de Tropen

Van origine komt de grote alexanderparkiet uit Azië, waar de soort voorkomt in het gebied tussen India en Vietnam. Daar bestaat z’n habitat uit laaglandloofbossen en andere beboste gebieden waaronder tuinen, mangroves en kokosplantages, in plaats van de Amsterdamse parken. Om in Nederland te kunnen overleven is het voor grote alexanderparkieten van belang om ook in de winter voldoende voedsel te kunnen vinden. Ze eten normaal gesproken zaden, bloemen, nectar, knoppen en vruchten. In de winter is zulk voedsel lastig aan te komen. Dan komt het extra vogelvoer rond de huizen van mensen deze kleurrijke tropische vogel goed van pas.

Organisatie wil opvang, educatie en onderzoek samenbrengen in nieuw centrum voor schildpadden, wasberen en andere invasieve soorten

Faunawatch vangt al meerdere jaren schildpadden op, voornamelijk invasieve lettersierschildpadden. Deze dieren worden vaak in de natuur gedumpt en vormen, net als andere invasieve diersoorten, een toenemend probleem voor de inheemse flora en fauna in Nederland.

Naast schildpadden gaat het onder meer om wasberen, nutria’s en Amerikaanse rivierkreeften. Invasieve diersoorten kunnen grote schade aanrichten aan ecosystemen, maar vragen tegelijkertijd om een diervriendelijke en verantwoorde aanpak. Vanuit die overtuiging wil Faunawatch een kenniscentrum voor invasieve diersoorten oprichten, gecombineerd met een gespecialiseerde opvang.

“Invasieve diersoorten kunnen niet teruggedrongen worden met enkel afschot,” zegt Dr. Tim Huijsmans, dierenarts en voorzitter van Stichting Faunawatch. “Door de snelle voortplanting en het grote aanpassingsvermogen van soorten zoals de wasbeer, kunnen ze een afname van de populatie snel compenseren. Met dit kenniscentrum willen we laten zien dat natuurbescherming en dierenwelzijn hand in hand kunnen gaan, door te investeren in kennis, onderzoek en verantwoorde opvang.”

In het beoogde kenniscentrum krijgen burgers de mogelijkheid om meer te leren over invasieve diersoorten, hun impact op biodiversiteit en de maatschappelijke uitdagingen die zij met zich meebrengen. Daarnaast biedt het centrum ruimte voor onderzoek naar alternatieve en diervriendelijke methoden om invasieve diersoorten te beheren.

Volgens Gaston Huijsmans, hoofdverzorger van Stichting Faunawatch, is educatie een essentieel onderdeel van de plannen. “In de opvang zien we dagelijks de gevolgen van dumping en een gebrek aan kennis van dieren, zoals schildpadden. Het kenniscentrum biedt de kans om die verhalen te delen en bewustwording te creëren bij het publiek.”

Om deze plannen te realiseren is Faunawatch momenteel bezig met het aanvragen van de benodigde vergunningen. Het vinden van een geschikte locatie is nog een grote uitdaging. Tevens zijn nog financiële middelen nodig om de plannen te kunnen financieren. De organisatie hoopt in 2026 grote stappen te kunnen zetten in de realisatie van het kenniscentrum, waarmee opvang, educatie en onderzoek verder kunnen worden uitgebreid.

Ter ondersteuning van dit initiatief roept Faunawatch het publiek op om bij te dragen via een donatie.

Meer informatie: https://www.faunawatch.org/visie-kenniscentrum-en-opvang-voor-invasieve-dieren

Met vriendelijke groet, Dr. Tim Huijsmans   Voorzitter en dierenarts Faunawatch   timhuijsmans@faunawatch.org | faunawatch.org signature_1377161134Afbeelding